zondag, 21 februari 2010 12:51

Aaron Boudewijn start eigen Blog

Iedereen heeft ondertussen wel van Aaron Boudewijn gehoord. De 24-jarige student uit Utrecht die beroep aangetekend heeft tegen de beslissing van de overheid om hem geen geldig paspoort te verstrekken. Aaron weigert namelijk zijn vingerafdrukken en gelaatsscan af te staan omdat hij het een onacceptabel risico acht dat de overheid deze opslaat in een digitale database, met alle gevaren van dien.

Gepubliceerd in Dossier Vingerafdrukken
vrijdag, 15 januari 2010 04:27

OM verwerpt aanklacht tegen Het Nieuwe Rijk

Persbericht Het Nieuwe Rijk 11 Januari 2009

Het Openbaar Ministerie laat weten Het Nieuwe Rijk niet te vervolgen voor het verspreiden van de tatoeagefolder eind november vorig jaar. In de folder, die leek op een folder afkomstig van de overheid, werden mensen opgeroepen hun burgerservicenummer te laten tatoeëren om zich hiermee nog makkelijker te identificeren. De folder was een actie tegen de opslag van vingerafdrukken en de alsmaar toenemende overheidscontrole, met als doel de aanzet te geven tot een publieke discussie over dit onderwerp. Staatssecretaris Bijleveld deed aangifte tegen de verspreiders van de folder, maar het OM ziet geen enkele grond om tot vervolging over te gaan.

Gepubliceerd in Dossier Vingerafdrukken
vrijdag, 20 november 2009 04:26

Dossier Kilometerheffing

Dossier automobiele kilometer-spionage

permanente controleNa jaren gesteggel over een ander betaalsysteem voor het autoverkeer, en maatregelen tegen het dichtslibben der wegen heeft het kabinet minister Eurlings (CDA)bereid gevonden om een nieuw kilometerheffingsplan te lanceren.

Geheel in de lijn waarop de kabinetten Balkenende gewend zijn wet -en regelgeving in te voeren betreft het wetgeving waarbij voorbij wordt gegaan aan het recht op persoonlijke vrijheid.

Net als bij het OV-chipkaartsysteem, voor het openbaar vervoer, is het doel van de kilometerheffing om een nieuw betaalsysteem in te voeren. Dat het files zou helpen oplossen wordt als reclame ingezet en neemt vast een voorschot op hoe men de km heffing, zodra deze is ingevoerd, kan inzetten om het persoonlijke gedrag van de automobilisten te monitoren.

Zo’n nieuw betaalsysteem kan echter alleen functioneren als elektronisch wordt vastgelegd wie zich wanneer van waar naar waar verplaatst. Dat grijpt uiteraard heel ver in in de persoonlijke levens van mensen en druist in tegen het recht van iedere onschuldige burger om onbespied door het leven te mogen gaan.

Het systeem gaat alle verplaatsingen van auto's exact registreren middels het Global Positioning Systeem. Het GPS dat - net als de registratie van waar mobiele telefoons zich bevinden- via een km-kasje of chip in de auto tot op de km doorgeeft waar het kenteken van het bijbehorende voertuig zich bevindt.

Daarmee wordt van iedereen die zich per auto verplaatst in feite zijn gedrag vastgelegd.

Dossier kilometer-spionageAllereerst wordt feitelijk geregistreerd waar een burger zich op enig moment bevind, maar een simpele analyse van deze gegevenslevert al een tamelijk nauwkeurig beeld op waarmee men uw gedrag in kaart kan brengen. Zo worden gegevens en patronen vastgelegd waaruit bijvoorbeeld blijkt dat u gemiddeld zoveel km per dag/week of maand rijdt, dat u kennelijk een ochtend of avondmens bent, dat u zich doorgaans via de snelweg van A naar B verplaatst of juist veelvuldig gebruik maakt van provinciale wegen. Uit de gegevens komt naar voren of u vaste werktijden heeft , 's ochtends vanaf uw eigen adres vertrekt, kinderen per auto naar school brengt, welke plekken u regelmatig bezoekt, vult u zelf maar in........

De koppeling van deze gegevens met andere databestanden maakt het mogelijk een gedetailleerd gedragsprofiel van u samen te stellen ( u bent een ochtendmens, u bezoekt frequent bepaalde plaatsen, u rijdt na uw werk al dan niet rechtstreeks naar huis, u rijdt in verhouding tot uw inkomen wel erg veel kilometers, u komt op vaste tijden bij sportvelden waar u ofwel zelf iets te doen heeft of enkel mensen afzet of ophaalt, u doet boodschappen met de auto en neemt daar al dan niet ruim de tijd voor,enz.

Met enige fantasie kan iedereen verzinnen hoe interessant deze gegevens kunnen zijn voor bedrijven die u graag gepaste reklame aanbieden, voor criminelen die gegevens van uw gedrag te gelde kunnen maken, voor journalisten die graag over privé gegevens willen beschikken, voor de overheid om beleid op te maken en voor justitie om alvast van iedereen zoveel mogelijk gegevens vast te leggen voor het geval ze deze ooit kunnen gebruiken voor opsporingsdoeleinden.

Dit druist in tegen de fundamentele grondrechten van de burger. Het is namelijk bij wet (WBP,EVRM) verboden dat er inbreuk wordt gemaakt op de persoonlijke levenssfeer, tenzij dit uit hoofde van het algemeen belang onontkoombaar is en vooraf diepgaand is onderzocht of het doel wat men beoogt te bereiken niet op een andere wijze kan worden bereikt.

Uiteraard heeft de overheid er niks mee nodig om te weten of kinderen op woensdagmiddag naar hockey of voetballen gaan, of  iemand al dan niet een huismus is, waar iemand zijn geld aan uitgeeft, met hij omgaat, welke plekken iemand bezoekt, hoe vaak men op vakantie gaat, enz.

Dat men dit wil gaan vastleggen, uitsluitend om de rekening te kunnen presenteren voor het gebruik van het wegennet, is onacceptabel uit oogpunt van privacy. Dit kan de toets van het doelbindingsprincipe en proportionaliteitsbeginsel niet doorstaan.

Ook uit veiligheidsoverwegingen is het niet te tolereren. Het bekend worden van uw gedrag en gedragspatroon is namelijk niet enkel ouderwets handig voor kwaadwillenden die kunnen zien of u al dan niet thuis bent, het geeft ongekende mogelijkheden om u de dupe te laten worden van chantage, van onterechte verdachtmakingen, van identiteitsverwisseling of zelfs diefstal van uw identiteit.

Definitie:

wired carPrivacy ('privaatsfeer') is een afweerrecht dat de persoonlijke levenssfeer beschermt. Het recht op privacy wordt ook wel omschreven als het recht om met rust te worden gelaten (The right to be left alone volgens de definitie van Warren & Brandeis, die de eerste juridisch getinte definitie van privacy gaven). Privacy is een ruim begrip: het gaat onder meer om de bescherming van persoonsgegevens, de bescherming van het eigen lichaam en van de eigen woning, de bescherming van familie- en gezinsleven, en het recht vertrouwelijk te communiceren via, brief, telefoon, e-mail en dergelijke. Privacy betekent dat men dingen kan doen zonder dat de buitenwereld daar inbreuk op maakt of zelfs weet van heeft. Een van de definities van totalitarisme is dat de scheiding tussen de privésfeer en het publieke leven vervaagt.

Toch heeft het kabinet vrijdag 13 november 2009 ingestemd met het wetsvoorstel om het gedrag van alle mensen die zich per auto door ons land verplaatsen via GPS minutieus te gaan registreren.

Wil het plan daadwerkelijk worden ingevoerd dan moet eerst de Tweede Kamer en vervolgens de Eerste Kamer daar goedkeuring aan verlenen.

Men zou mogen veronderstellen dat de volksvertegenwoordigers in het parlement hun taak om toezicht te houden op het kabinet zó zouden opvatten dat bij elk wetsvoorstel voorop hoort te staan dat het de fundamentele rechten en de veiligheid van de burgers niet aantast. De ervaring leert echter dat men zich daar, bij de besluitvorming de afgelopen jaren, nauwelijks iets aan gelegen laat liggen.

Ondanks dat de allereerste opdracht van de overheid is om te waken over de veiligheid van de bevolking blijkt men keer op keer genoegen te nemen met holle beloften van gezagshebbers dat men nieuwe systemen zo goed mogelijk zal beveiligen in plaats van dat de voorstellen worden afgewezen omdat de systemen domweg technisch niet afdoende te beveiligen zijn.

Dat wetgeving niet strookt met de Nederlandse Grondwet vormt voor het parlement tegenwoordig kennelijk geen belemmering. De rechtspositie van de burger om zich hier tegen te kunnen verweren is bovendien minimaal:

Omdat rechters in Nederland, als enige in Europa, wetgeving niet mogen toetsen aan de Grondwet.

Omdat strijdigheid met het (EVRM) wordt betwist met de redenering, waarvan zelfs de voorzitter van het College Bescherming Persoonsgegevens zich bedient, dat het EVRM multi-interpretabel zou zijn en mensen die zich op dit verdrag beroepen in elk geval jaren geduld moeten hebben voordat zij door het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) gehoord kunnen worden.

Strijdigheid met het VN Verdrag voor Burgerlijke en Politieke rechten (BUPO) hooguit internationaal gezichtsverlies kan opleveren voor de regering maar geen bindende uitspraken kan opleveren om nationale wetgeving te overrulen.

Er zit dus niks anders op dan dat de burger, die in feite vertegenwoordigd zou horen te worden door kabinet en parlement, zijn tijd en energie moet steken in het corrigeren van de mensen die voor hun belangen op dienen te komen.

Doet men dit niet dan loopt men het risico dat deze volksvertegenwoordigers voor de zoveelste keer wetgeving gaan goedkeuren waarbij de fundamentele burgerrechten op persoonlijke vrijheid en bescherming van de veiligheid met voeten worden getreden. En de burger die zich hiertegen verzet als crimineel achter de tralies beland.

HOOFDSTUK 7. HANDHAVING EN STRAFBEPALINGEN

Artikel 7.1

1. Belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn:

a. de daartoe door de Dienst Wegverkeer aangewezen personen;

b. de daartoe door Onze Minister aangewezen personen en;

c. de bij of krachtens artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering

aangewezen ambtenaren.

2. Een besluit als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, bevat een aanduiding van de voorschriften op naleving waarvan toezicht wordt gehouden.

3. Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

Artikel 7.2

Onze Minister en de Dienst Wegverkeer beschikken over de bevoegdheid tot het opleggen van een last onder bestuursdwang ter handhaving van de bij of krachtens de artikelen 4.5, eerste lid, 4.8, eerste lid, 4.9, eerste en tweede lid, 4.12, eerste lid, 4.16, vierde lid, van deze wet gestelde verplichtingen.

Artikel 7.3

1. Met de opsporing van de in artikel 7.5 strafbaar gestelde feiten zijn, onverminderd artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, belast de bij besluit van Onze Minister van Justitie, in overeenstemming met Onze Minister, aangewezen ambtenaren. Deze ambtenaren zijn tevens belast met de opsporing van de feiten, strafbaar gesteld in de artikelen 179 tot en met 182 en 184 van het Wetboek van Strafrecht, voor zover deze feiten betrekking hebben op een bevel, vordering of handeling, gedaan of ondernomen door henzelf.

2. Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

3. In het kader van de opsporing is artikel 160, vierde lid, van de Wegenverkeerswet 1994 van overeenkomstige toepassing.

Artikel 7.4

1. Degene die niet voldoet aan de verplichting, hem opgelegd bij of krachtens de artikelen 1.3, 1.4, 1.5, eerste lid, 3.6, eerste lid dan wel eerste en tweede lid, 4.5, eerste of zesde lid, 4.8, 4.9, eerste lid, 4.16, tweede of vierde lid, 4.18, 5.11, derde lid, of 7.6, derde lid, in samenhang met artikel 5.11, derde lid, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de vierde categorie.

2. Met dezelfde straf wordt gestraft degene die:

a. bij het doen van een melding als bedoeld in artikel 1.3, 1.4 of 1.5, eerste lid, onjuiste gegevens verstrekt;

b. handelt in strijd met het verbod, bedoeld in artikel 1.6, 4.14, 4.17, derde lid, 4.21, eerste lid, 4.22, 4.23, vierde lid, 4.27, negende lid, dan wel met het bepaalde in artikel 4.16, derde lid.

3. De strafbare feiten, genoemd in het eerste en tweede lid, zijn overtredingen.

Artikel 7.5

1. Degene die opzettelijk handelt in strijd met het verbod, bedoeld in artikel 1.6, 4.14, 4.17, derde lid, 4.21, eerste lid, 4.23, vierde lid, 4.27, negende lid, dan wel met het bepaalde in artikel 4.16, derde lid, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vijfde categorie.

2. Degene die opzettelijk handelt in strijd met het verbod, bedoeld in artikel 4.22, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vijfde categorie.

3. De strafbare feiten, genoemd in het eerste en tweede lid, zijn misdrijven.

Artikel 7.6

1. Indien niet of niet volledig verhaal overeenkomstig de artikelen 574, 575 en 576 van het Wetboek van Strafvordering heeft plaatsgevonden, kan de officier van justitie het rijbewijs innemen van degene aan wie de geldboete is opgelegd.

2. De inneming van het rijbewijs wordt beëindigd zodra het bedrag van de geldboete en de daarop gevallen verhogingen in de zin van artikel 24b van het wetboek van Strafrecht zijn voldaan. De inneming van het rijbewijs duurt ten hoogste vier weken.

3. Artikel 5.11, derde tot en met zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 7.7

1. In een geval als bedoeld in artikel 7.6, eerste lid, kan de officier van justitie voorts het motorrijtuig met betrekking tot hetwelk het strafbare feit is begaan of, indien dit motorrijtuig niet wordt aangetroffen, een soortgelijk voertuig waarover degene aan wie de geldboete is opgelegd vermag te beschikken, buiten gebruik stellen.

2. De artikelen 5.12, derde tot en met zesde lid, en 7.6, tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 7.4

1. Degene die niet voldoet aan de verplichting, hem opgelegd bij of krachtens de artikelen 1.3, 1.4, 1.5, eerste lid, 3.6, eerste lid dan wel eerste en tweede lid, 4.5, eerste of zesde lid, 4.8, 4.9, eerste lid, 4.16, tweede of vierde lid, 4.18, 5.11, derde lid, of 7.6, derde lid, in samenhang met artikel 5.11, derde lid, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de vierde categorie.

2. Met dezelfde straf wordt gestraft degene die:

a. bij het doen van een melding als bedoeld in artikel 1.3, 1.4 of 1.5, eerste lid, onjuiste gegevens verstrekt;

b. handelt in strijd met het verbod, bedoeld in artikel 1.6, 4.14, 4.17, derde lid, 4.21, eerste lid, 4.22, 4.23, vierde lid, 4.27, negende lid, dan wel met het bepaalde in artikel 4.16, derde lid.

3. De strafbare feiten, genoemd in het eerste en tweede lid, zijn overtredingen.

Artikel 7.5

1. Degene die opzettelijk handelt in strijd met het verbod, bedoeld in artikel 1.6, 4.14, 4.17, derde lid, 4.21, eerste lid, 4.23, vierde lid, 4.27, negende lid, dan wel met het bepaalde in artikel 4.16, derde lid, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vijfde categorie.

2. Degene die opzettelijk handelt in strijd met het verbod, bedoeld in artikel 4.22, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vijfde categorie.

3. De strafbare feiten, genoemd in het eerste en tweede lid, zijn misdrijven.

Artikel 7.6

1. Indien niet of niet volledig verhaal overeenkomstig de artikelen 574, 575 en 576 van het Wetboek van Strafvordering heeft plaatsgevonden, kan de officier van justitie het rijbewijs innemen van degene aan wie de geldboete is opgelegd.

2. De inneming van het rijbewijs wordt beëindigd zodra het bedrag van de geldboete en de daarop gevallen verhogingen in de zin van artikel 24b van het wetboek van Strafrecht zijn voldaan. De inneming van het rijbewijs duurt ten hoogste vier weken.

3. Artikel 5.11, derde tot en met zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 7.7

1. In een geval als bedoeld in artikel 7.6, eerste lid, kan de officier van justitie voorts het motorrijtuig met betrekking tot hetwelk het strafbare feit is begaan of, indien dit motorrijtuig niet wordt aangetroffen, een soortgelijk voertuig waarover degene aan wie de geldboete is opgelegd vermag te beschikken, buiten gebruik stellen.

2. De artikelen 5.12, derde tot en met zesde lid, en 7.6, tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

NB Een boete in de 'vijfde categorie' betekent 67.000 euro

 

Gepubliceerd in Dossier Kilometerheffing
dinsdag, 10 november 2009 20:36

Miek Wijnberg in Goedenmorgen Nederland

miek_wijnbergU ziet Vrijbit Voorzitter Miek Wijnberg in het KRO ontbijttelevisie programma 'Goedemorgen Nederland' van 5 november 2009. Onze immer strijdvaardige Miek geeft aan dat de aanhangige zaak bij het Europese Hof voor de Mensenrechten een hele grote slagings kans heeft.

De telefonisch geraadpleegde 'Privacy Jurist' Bart Schermer, plaats als kanttekening dat hij twijfelt of Vereniging Vrijbit wel als belanghebbende kan optreden, wat echter overduidelijk is omdat Vrijbit deze zaak voert namens haar gedupeerde leden die geen paspoort krijgen omdat ze pricipiëel weigeren hun biometrische kenmerken te grabbel te gooien.
Gepubliceerd in Dossier Vingerafdrukken
maandag, 28 september 2009 05:53

Zeg uw Privacy maar gedag...

De overheid verzamelt zoveel mogelijk gegevens. Er is nauwelijks iemand die protesteert. Toch is uw privacy straks in handen van veel verschillende partijen.

De opsporingsambtenaar kan voor zijn onderzoek straks gebruikmaken van een enorme bak met gegevens van elke Nederlander. Een mengelmoes van vingerafdrukken, ons zoekgedrag op internet, gemaakte tram- en busritjes, medische gegevens (als het EPD, het Elektronisch Patiënten Dossier, er komt), en adres- en inkomensgegevens.

Lees verder bij: DePers

Gepubliceerd in Politie en Justitie
dinsdag, 01 september 2009 03:55

OV-Chipkaart in strijd met privacy

OV-Chipkaart in strijd met privacy, nu ook als verlengstuk voor justitiedoeleinden opgeëist.

Vervoersbedrijven mogen pasfoto’s, en de digitale opslag daarvan, niet in hun administratie opslaan, tenzij de klant daar vooraf uitdrukkelijk toestemming voor heeft verleend. Geen pasfoto’s opslaan voorkomt dat ze voor commerciële toepassingen kunnen worden gebruikt, ingezet kunnen worden voor gezichtsherkennende camerasystemen of worden opgeëist door justitie.

Gepubliceerd in Dossier OV